huidige doel
(woorden per minuuttekens / min.)
0
WPM
niveau
het hoogst behaalde doel
0
WPM
statistieken van vandaag
voltooide oefeningen
0
getypte tekens getypte woorden
0
tijd van oefenen
0
15m
25m
45m
1h
algemene statistieken
voltooide oefeningen
0
getypte tekens getypte woorden
0
tijd van oefenen
0
*nauwkeurigheid ≥ 90%
accuraat
(< 90%)
woorden per minuut
(doel)

Typen oefening: "Gevoel en verstand" Jane Austen

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Volledige oefentekst

Typen oefening: "Gevoel en verstand" Jane Austen

sluit en begin met typen
De overleden eigenaar van het goed was een ongetrouwd man, die een zeer hoogen leeftijd bereikte, en die gedurende vele jaren van zijn leven een getrouwe gezellin en huishoudster had gehad in zijne zuster. Doch haar dood, die tien jaren voor zijn eigen overlijden plaats had, veroorzaakte een grote verandering in zijn omgeving; want ter vervulling van haar gemis, vroeg en ontving hij in zijn huis het gezin van zijn neef, den Heer Henry Dashwood, den wettigen erfgenaam van de bezitting Norland, en den persoon, aan wien hij voornemens was, het goed na te laten. In het gezelschap van zijn neef en nicht en hunne kinderen sleet de oude heer genoeglijke dagen. Zijn gehechtheid aan hen allen nam toe. De voortdurende tegemoetkoming van den Heer en Mevrouw Dashwood aan zijne wenschen, die niet enkel uit eigenbelang voortsproot, maar evenzeer uit goedhartigheid, schonk hem in ieder opzicht het gemak en behagen, dat hij in zijn hoogen ouderdom nog kon genieten, en de vroolijkheid der kinderen bracht in zijn leven een element van opgewektheid. Uit een vorig huwelijk had de Heer Henry Dashwood een zoon; van zijn tegenwoordige vrouw drie dochters. De zoon, een flinke, achtenswaardige jonge man, zag zijn toekomst ruim verzekerd door het fortuin van zijne moeder, dat aanzienlijk was geweest, en waarvan de helft bij zijn meerderjarig-wording aan hem verviel. Door zijn eigen huwelijk, dat spoedig daarna plaats had, werd zijn rijkdom nog vermeerderd. Voor hem was dus het toekomstig bezit van Norland van niet zo ingrijpend belang als voor zijn zusters; want haar fortuin kon, buiten 't geen haar ten deel kon vallen wanneer haar vader het goed erfde, slechts gering zijn. Haar moeder bezat niets, en haar vader kon slechts zevenduizend pond zijn eigendom noemen; want de andere helft van het fortuin zijner eerste vrouw was eveneens op haar kind vastgezet, en hij had er slechts het vruchtgebruik van. De oude heer stierf; zijn testament werd voorgelezen, en baarde, als bijna ieder testament, evenveel teleurstelling als voldoening. Hij was niet zo onrechtvaardig noch zo dankbaar om zijn bezitting niet aan zijn neef na te laten, doch hij liet hem het goed na, op voorwaarden die de helft der waarde van het erfdeel te niet deden. De Heer Dashwood had het bezit ervan gewenscht, meer ter wille van zijn vrouw en dochters, dan voor zichzelf of zijn zoon; maar aan zijn zoon en zijn kleinzoon, een kind van vier jaar, werd het toegewezen, op een wijze, die hem volkomen de macht ontnam om de toekomst te verzekeren van degenen die hem het liefst waren, en die het meest zulk een verzekering behoefden, 't zij door een hypotheek op het goed, of door verkoop van zijn waardevolle bosschen. Op alles werd beslag gelegd ten behoeve van het kind, dat bij bezoeken, nu en dan met zijn vader en moeder te Norland gebracht, zo toevallig de genegenheid van zijn oudoom had gewonnen, door toevalligheden, ver van ongewoon bij kinderen van twee of drie jaar, als: onbeholpen spraak, een ernstig verlangen om zijn eigen wil door te zetten, veel guitenstreken en verbazend veel drukte, dat hiertegen de waarde van al de bewijzen van aanhankelijkheid, die hij jarenlang van zijne nicht en hare dochters had ontvangen niet kon opwegen. Zijn bedoeling was echter niet, onvriendelijk te zijn, en als een bewijs van zijn genegenheid voor de drie meisjes liet hij aan ieder van haar duizend pond na. De Heer Dashwood was eerst bitter teleurgesteld; maar zijn aard was vroolijk en geneigd tot opgewektheid; hij had alle reden nog te hopen op een lang leven, waarin hij door zuinig te zijn, een aanzienlijke som kon besparen uit de opbrengst van een goed, dat reeds groot was, en vatbaar voor bijna onmiddellijke verbetering. Doch het fortuin, dat zo laat gekomen was, bleef slechts een jaar in zijn bezit. Langer overleefde hij zijn oom niet, en tienduizend pond, de pas ontvangen legaten mede gerekend, was al wat voor zijne weduwe en dochters overbleef. Zodra men wist dat hij in gevaar was, werd om zijn zoon gezonden, en hem beval de heer Dashwood, met al de kracht en den aandrang waartoe zijn ziekte hem nog vermocht te bewegen, de belangen aan van zijn stiefmoeder en zijne zusters. De Heer John Dashwood bezat niet het sterke gevoel van de overige leden der familie; doch hij was getroffen door eene aanbeveling van dien aard op zulk een tijdstip; en hij beloofde alles te doen wat in zijn macht stond om tot haar verzorging bij te dragen. Zijn vader was door die verzekering gerustgesteld; en de Heer John Dashwood had daarna nog ruim tijd om te overwegen hoe veel hij in alle voorzichtigheid bij machte zou kunnen zijn voor haar te doen. Hij was geen slecht geaarde jonge man; tenzij het slecht geaard ware, ietwat onhartelijk en nogal zelfzuchtig te zijn; hij stond over 't algemeen zeer in aanzien; want hij gedroeg zich juist zooals het behoorde in de vervulling van zijn gewone verplichtingen. Had hij een beminnelijke vrouw getrouwd, dan zou hij misschien nog meer gezien hebben kunnen zijn, dan hij reeds was; hij zou dan zelfs misschien zelf beminnelijk hebben kunnen worden; want hij was heel jong toen hij trouwde en hij hield veel van zijn vrouw. Maar Mevrouw John Dashwood was een sterk overdreven caricatuur van hem zelf; nog meer bekrompen en zelfzuchtig. Toen hij zijn vader die belofte deed, stelde hij zich inwendig voor, het fortuin van zijn zusters te vermeerderen, door haar ieder een duizend pond te schenken. Hij dacht toen werkelijk dat hij daartoe in staat zou zijn. 't Vooruitzicht op vierduizend pond jaarlijks, toegevoegd aan zijn tegenwoordig inkomen, behalve de andere helft van zijn moeder's fortuin, verwarmde zijn hart, en deed hem zich in staat gevoelen, edelmoedig te zijn: Ja, hij zou ze drieduizend pond geven; dat was ruim en royaal! Het zou voldoende zijn om ze geheel onbezorgd te doen leven. Drieduizend pond! Hij kon die aanzienlijke som wel missen, zonder veel bezwaar. Hij dacht er den geheelen dag aan, en vele dagen achtereen, en hij had er geen berouw van.
 
Uw browser ondersteunt HTML 5 Canvas niet.
volgende tekst
volgende les
Taak Terug om te testen
austen-jane-gevoel-en-verstand-nl
advertentie
Beginnen met typen!
diagram verbergen